Ovidius voor Ondankbare Scholieren

_DSF6991

Het boek van Ovidius, gedrukt in Leipzig in 1507 door Martin Landsberg, lijkt een mooi voorbeeld van een schoolboekje te zijn. Het is vrij dun, en elke pagina staat vol met geschreven aantekeningen, tekeningen en onderstreepte delen van zinnen. Het lijkt zelfs zo te zijn dat het boek door verschillende leerlingen is bestudeerd. Er zijn verschillende handschriften te ontdekken, en ook verschillende geschreven jaartallen. 

_DSF6993

Ook de lay-out is gemaakt om aantekeningen te kunnen maken. De witmarges tussen elke regel zijn erg groot, en de tekst staat gecentreerd in het midden, met grote marges aan de zijkanten. Het lettertype lijkt op een gotische letter, maar is veel duidelijker en opener dan normaal het geval is. Verderop in het boek in een tweede deel is een Romeins lettertype gebruikt. 

_DSF6994

Het boek is opgedeeld in twee delen. Aan het einde van het eerste deel wordt afgesloten met de naam van de drukker, met een drukkersstempel. Ook heeft hij zijn eigen naam in het Latijn laten afdrukken: Baccalarium Martinum Lantzbergk Herbipolensem. In het tweede deel is echter nergens een aanduiding van een drukker te vinden. Wel komen de handschriften in beide delen overeen, wat erop duidt dat ook in die periode de twee delen bij elkaar zaten. Ook opvallend is een reliëf van de Universiteitsbibliotheek van Amsterdam aan het einde van het eerste deel, dat gedrukt staat in het papier. 

_DSF7006

Ovidius. Publius Ovidius Nasonji Epistola Sapphus ad Phaenoem. Leipzig, Martin Landsberg 1507

[Floris van de Ruit]

Advertenties

_DSF7008

Ongeveer vijftig jaar nadat Dante met zijn Goddelijke Komedie  het Italiaans op de kaart zette als literaire taal, schreef de Florentijn Giovanni Boccaccio zijn meesterwerk: Il Decamerone. In dit literaire proza vertelt een groep van tien jongeren elkaar, verspreid over tien avonden, tien verhalen.  

_DSF7009

Dit boekje bevat één van deze honderd verhalen; niet in het originele Florentijnse dialect, maar vertaald in het Latijn door de Humanist Filippo Beroaldo. Het is omstreeks 1504 in Duitsland gedrukt door Hermann Trebelius en samengebonden met een iets latere uitgave van een van de Heldenbrieven van Ovidius.

_DSF7019

De uitgave is sober en de drukletter een eenvoudige Romein. Opvallender is de grote hoeveelheid aantekeningen die de eigenaar van het werk heeft toegevoegd. De inhoud van deze scholia of marginalia bevestigt het vermoeden dat deze druk een scholierenuitgave voor Latijnse les is.

_DSF6991

De leerling die dit boekje in bezit had was echter niet altijd bij de les: verspreid over de werken in de band vinden we verschillende tekeningetjes die weinig met de inhoud van de tekst van doen hebben.

Giovanni Boccatio. Fabula Tancredi ex Boccatio in Latinum versa a Philippo Beroaldo. Wittenberg, Hermann Trebelius, 1504

[Tycho Blauw]

Hoe voer je Oorlog? Een leerzaam gedicht

_DSF7020

Antonio Cornazano (ca 1430-1485) was een Italiaanse dichter, schijver en dansmeester. Hij schreef onder meer theaterstukkenmet balletten. Zijn stukken werden opgevoerd aain de hoven van de Italiaanse aristocratie. Cornazano’s utgangspunt was dat een mens van nature negen soorten bewegingen – stappen – kon maken. De eerste stap was bijvoorbeeld de sempio: een enkele stap voorwaarts, de doppio was drie stappen voorwaarts, de continenza een stap zijwaarts, enzovoort. Het lange gedicht De re militaria is in negen boeken verdeeld – negen stappen. Het is gebaseerd op een prozawerk van Cornazano en behandelt alle aspecten van het oorlogvoeren. Het begint met het oefenen van soldaten (die ook moeten kunnen dansen) en eindigt met het besturen van veroverde gebieden.

_DSF7021

Dit exemplaar heeft een stevige, moderne witte band. Het snijvlak van het boekblok is grijsgroen. Het groen komt waarschijnlijk van geoxideerd koper. Het binnenwerk is met zwarte inkt in een cursieve letter gedrukt. Decursieve letter werd voor het eerst toegepast in Venetië door de beroemde drukker Aldus Manutius. Het zetten van deze letter nam minder ruimte in beslag dan gotische of romeinse letters. Bovendien leek de cursieve letter op handgeschreven tekst en was daarom leesbaarder. 

_DSF7022

Op het eerste blad staat een opdracht aan Giovanni Sforza. In een ander exemplaar van dezelfde uitgave, dat gedigitaliseerd op het internet staat, is de opdracht aan een andere persoon gericht, namelijk aan Graaf van Montorio. Dit wijst erop dat in de verschillende boekjes gepersonaliseerde bladen werden aangebracht.

Voorin staat de inhoudsopgave van de negen libri van het werk en wordt de opbouw van de opeenvolgde katernen gegeven.

De plekken waar de illuminator een sierletter kon plaatsen – aan het begin van ieder nieuw deel – zijn in dit exemplaar opengelaten. Er staan kleine representanten‘ als aanduiding voor de sierletters die de koper van het boek daar had kunnen laten inschilderen.

Het drukkersimpressum van de Joodse drukker Hieronymo Soncino staat op de laatste pagina.

Antonio Cornazano. De re militaria. Pesaro, Hieronymus Soncino, 1507

[Ria Winters]

 

De Hele Wereld in een Boek

_DSF6969Wie niet thuis is in de vroegmoderne typografie staat al meteen voor een raadsel als hij dit boek bekijkt: Cofmographie? Maar in de zestiende eeuw werden zowel een lange f als een korte s gebruikt voor de ‘s’. Die lange f mist in werkelijkheid het streepje aan de rechterkant, maar die letter kennen moderne letters meestal niet.

_DSF6968

De perkamenten band is oud, het is de originele band en hij ziet er gebruikt uit.

_DSF6973

De tekst is van  Petrus Apianus, en uit het Latijn vertaald naar het Nederlands door Gemma Frisius.  In 1598 werd hij uitgegeven door door Cornelis Claesz. De eerste uitgave in het Nederlands verscheen in 1553 bij Gregorius de Bonte te Antwerpen. Gemma Frisius is minstens even beroemd als Apianus. Hij vertaalde en corrigeerde de tekst.

_DSF6974

De Amsterdamse drukker en Cornelis Claesz begon in de jaren negentig van de zestiende eeuw met het uitgeven van atlassen en landbeschrijvingen. Zo begon de grote Amsterdamse traditie die drukkers als Blaeu en Janssonius wereldberoemd zou maken.

_DSF6976

Apianus was geograaf en wiskundige. Van dit boek verschenen minstens 30 edities in 14 talen. Oorspronkelijk was het met houtsneden geillustreerd en dat is ook in deze uitgave het geval. Alleen het titelblad is voorzien van een gravure.

_DSF6973_DSF6975

Petrus Apianus. Cosmographie, ofte Beschrijvinge der gheheelder werelt, begrijpende de gelegentheyt ende bedeelinghe van elck lantschap ende contreye der selver. Amsterdam, Cornelis Claesz, 1598

[Tyler de Leeuw]

Herdersdichten van Vergilius

IMG_0327Vergilius´ Herdersdichten waren ook in de klassieke oudheid al immense populair en dat zijn ze altijd gebleven. Het is dan ook niet verwonderlijk dat dit werk kort na de introductie van de drukpers al werd gepubliceerd, al dan niet voorzien van geleerde commentaren.

Deze versie is in 1502 te Keulen gedrukt door de erven van Heinrich Quentell, die zelf een jaar eerder was overleden en zijn drukkerij had nagelaten aan zijn zoon.

IMG_0328

De tekst bestaat uit elkaar afwisselende delen: een groter gezet stukje poëzie wordt telkens gevolgd door een in kleinere letters gedrukt stuk commentaar van de Nederlandse humanist Hermannus Torrentinus. 

IMG_0329

Er zijn tussen de tekst en het Latijnse commentaar geen witregels gelaten, de tekst staat vol afkortingen en symbolen en ook de kantlijnen zijn voorzien van kleine, gedrukte opmerkingen. Dit alles maakt het boek voor de moderne lezer nogal onoverzichtelijk.

IMG_0330  

Bovendien heeft niet elke pagina een eigen nummer, zoals gebruikelijk is in moderne boeken. In plaats van paginanummers hanteert de uitgever foliumnummers: elk blad (folium) heeft een eigen nummer en men spreekt dus niet van bladzijde een en twee, maar van folium een, voor- (recto) en achterkant (verso). Door de nummering van de folia kon de lezer gebruikmaken van de index die achterin het boek is opgenomen en gericht zoeken naar informatie die hij of zij nodig had. 

Vergilius. Bucolicorum. Met commentaar van Hermannus Torrentinus. Keulen, erven Heinrich Quentell, 1502

[Tycho Blauw]

Geleerde liefdesdichten van een tevreden Humanist

IMG_0287Publius Faustus Andrelinus (ca 1462-1518) was een Italiaanse humanistische dichter, tijdgenoot en vriend van Erasmus. Andrelinus gaf les in de poëzie aan de Universiteit van Parijs en was daarnaast dichter aan het Franse hof. Hij ontving veel geld voor zijn poëzie – iets waar hij goed over te spreken was. Hij beschrijft in een van zijn gedichten hoe hij na het voorlezen van een gedicht aan koning Karel VIII, over diens verovering van Napels, een zak geld van de koning kreeg die hij nauwelijks kon tillen.

IMG_0288

De Amorum libri quatuor is een boekje met liefdesgedichten. Dit exemplaar is in een oud, zwart kartonnen bandje ingebonden. Dat een dergelijk bandje bewaard is gebleven, is heel zeldzaam. De tekst is met zwarte inkt gedrukt op dun papier; de tekst van de andere zijde schijnt door.

IMG_0401

Op het titelblad is de titel in driehoekvorm gedrukt, de punt naar beneden, en daaronder in houtsnede een drukkersmerk met een illustratie van een adelaar, een familiewapen en de letters ‘F D’. Iemand heeft met zwarte pen zijn eigen opmerkingen op het titelblad geschreven. Verder valt het op dat er gedrukte sierinitialen in de tekst staan. Dergelijke initialen werden toen nog niet overal gebruikt. Ze namen de plaats in van de met de hand geschilderde kleurige initialen die eerder de boeken sierden.

IMG_0289

De inhoudsbeschrijving staat in een massief blok tekst op de tweede bladzij. De katernnummering is rechts onderaan op de recto bladen gedrukt. Er is geen katernsignatuur voor de zetter achtergelaten, noch voorin, noch achterin. Waar het verhaal eindigt, staat onder het woord ‘Finis’ het impressum van de drukker.

IMG_0290

Helemaal achterin richt Frater Ioanes Cordiger, tevens Parijs professor, zich tot de lezer. Hij beveelt het boekje aan. Aan de gebruikssporen aan de  uiterste  rand van dit blad is te zien dat het boekje ooit is bijgesneden.

Publius Faustus Andrelinus, Publii Fausti Andrelini foroliviensis excellentissimi poetae laureati Amorum libri quatuor. Venetië, Bernardino de Vitali, 1501

[Ria Winters]

 

 

 

 

Anatomie en Typografie

IMG_0379

Dit is een anatomisch handboek, waarin in het Latijn alle mogelijke onderdelen van het lichaam zijn beschreven. Het boek ziet er nieuw en ongebruikt uit. Er staan geen gebruikssporen in. Om dit exemplaar zit een moderne witte band van hard materiaal dat lijkt op perkament. Het snijvlak van het boekblok is blauw gemaakt; het is niet bekend wanneer dit is gedaan is, maar waarschijnlijk al vroeg in het leven van dit boek. Het binnenwerk is met zwarte inkt en in een gotische letter gedrukt. Er staan gedrukte sierinitialen en rubriceringtekens in de tekst, die – op het voorwerk na – in twee kolommen is gedrukt.

IMG_0381

Het titelblad toont de titel in een ruitvorm. Dat is ongewoon voor een anatomieboek. Dergelijke fantasierijke opmaak vind je vaker in contemporaine boeken over architectuur. De drukker heeft gebruik gemaakt van katernnummering; deze staan rechts onderaan de bladen. De folionummering is links bovenaan gedrukt. De inhoud bestaat uit een proloog, drie medische boeken en achterin een uitgebreid register.

Na folio 134 van boek één volgen twaalf bladen met een dubbele nummering, daar begint namelijk de telling opnieuw met ‘121’, loopt door tot ‘134’ en gaat dan weer door met ‘135’ tot en met het einde. De oorzaak van deze fout zou kunnen zijn dat het drukwerk was verdeeld over meerdere drukpersen, en dat de zetters niet goed hebben gecommuniceerd over de nummering. Men gooide liever geen papier weg, dus het katern met de verkeerde nummering is er gewoon tussen gezet. Een andere mogelijkheid is dat men een deel van de tekst vergeten was om te zetten, dat de drukker dit gaandeweg had ontdekt en een ‘tussenkatern’ had gemaakt. De katernsignatuur op het laatste blad laat zien dat de drukker zich er bewust van was dat zijn fout de binder problemen zou kunnen opleveren.

Achterin staan de katernen opgesomd, inclusief de verbeteringen. Daaraan kunnen we twee dingen zien: de katernen werden gedrukt in de volgorde van de tekst en dat boekbinders niet altijd verbonden waren aan de winkel van de drukker.

[Claudia Hoefakker]